Het mogelijke verdwijnen van het landelijke recht op abortus in de VS leidt ook tot onrust onder voorstanders van abortus in Nederland. In Nederland wordt abortus juist toegankelijker, door de afschaffing van de verplichte bedenktijd en de mogelijkheid om de abortuspil bij de huisarts te halen.

Toch is feministe Annemieke van Straalen (23), initiatiefnemer van een demonstratie zaterdag op de Dam in Amsterdam, er niet gerust op. “Het abortusrecht is een mensenrecht, maar het blijkt absoluut niet vanzelfsprekend. Het is onvoorstelbaar dat het recht op abortus, waar zo hard voor is gestreden, nu weer op het spel staat. Ook in Nederland is de anti-abortuslobby groot.”

Devika Partiman is een van de sprekers bij de demonstratie op de Dam, waar solidariteit wordt getoond met voorstanders van abortus in de VS. Zelf heeft zij tweemaal een abortus ondergaan en ze is dankbaar dat dat in Nederland is toegestaan. “Nu heerst er de angst dat in Nederland het recht op abortus ons weer afgenomen kan worden, dat zie je nu in Amerika gebeuren.”

Het illegale circuit in

In Nederland kiezen ieder jaar 30.000 vrouwen voor een abortus. In de Wet afbreking zwangerschap, ingevoerd in 1984, staat dat abortus is toegestaan tot de 24e week van de zwangerschap. Na die tijd mag een arts een zwangerschap alleen afbreken om zeer zwaarwegende medische redenen, bijvoorbeeld als de ongeborene niet levensvatbaar is. Late zwangerschapsafbreking en levensbeëindiging van pasgeborenen zijn strafbare handelingen. Als niet aan de zorgvuldigheidseisen is voldaan, kan het Openbaar Ministerie strafrechtelijke vervolging instellen.

Partiman zou graag zien dat abortus uit het Wetboek van Strafrecht wordt geschrapt. “Het is nog altijd niet gelukt dat eruit te krijgen. Christelijke partijen die onderdeel uitmaken van de coalitie steken daar al decennialang een stokje voor.”

Ook Femke van Straaten, manager bij de Abortuskliniek Amsterdam, ergert zich aan de politieke inmenging. “De politiek blijft zich bemoeien met wat in mijn ogen reguliere gezondheidszorg is. Dat dit na 50 jaar gewoon teruggedraaid kan worden – zoals we nu zien in de VS – vind ik onbegrijpelijk. Abortus ga je niet uitbannen, dan gaat het het illegale circuit in.”

Groeiende belangstelling

Organisaties tegen abortus in Nederland zien de belangstelling groeien. Hun websites krijgen meer bezoekers, blijkt uit de jaarverslagen, en het aantal donaties van particulieren en bedrijven neemt toe. Zo ontving het Platform Zorg voor Leven in 2018 nog 36.000 euro aan giften voor de Week van het Leven, een campagne om “bewustwording te creëren voor het ongeboren leven en de achterliggende nood van vrouwen die abortus overwegen”.

In 2020 was dat 182.000 euro. Ook groeit het aantal deelnemers aan de Mars voor het Leven. Tussen 2000 en 2015 kwamen er zo’n 1000 mensen op af, vijf jaar geleden waren dat er 3000 en in 2019 deden 12.000 mensen mee aan de mars.

De demonstratie in Amsterdam voor het recht op abortus en zelfbeschikking wordt onder meer gesteund door kenniscentrum Rutgers, Amnesty International, Women Inc. en de organisatie achter de Nederlandse Women’s March. Onder de sprekers zijn Kamerlid Corinne Ellemeet van GroenLinks, Marieke van der Plas, directeur Rutgers en Samira Rafaela, Europarlementariër voor D66.