Nederland steunt de autonomieplannen van Marokko voor de door het koninkrijk geannexeerde regio Westelijke Sahara. Minister van Buitenlandse Zaken, Wopke Hoekstra, heeft dat bekendgemaakt op werkbezoek in Marokko.

Marokko heeft in 2007 voorgesteld dat de Westelijke Sahara een verregaande vorm van autonomie krijgt – maar dat het koninkrijk wel zeggenschap houdt over het buitenlands beleid en defensie. Onafhankelijkheidsbeweging Polisario heeft die plannen van Marokko verworpen.

De Nederlandse regering heeft nu zijn steun uitgesproken voor Marokko’s voorstel. Het autonomieplan wordt in de persverklaring omschreven als “een serieuze en geloofwaardige bijdrage aan het door de VN-geleide politieke proces”. De Verenigde Naties proberen al decennia tot een vreedzame oplossing te komen voor het sudderende conflict.

Marokko’s autonomieplan heeft recent steeds meer internationale steun gekregen. Donald Trump sprak er in zijn laatste dagen als president van de Verenigde Staten in 2020 zijn steun voor uit. Ook erkende hij de aanspraak die het Noord-Afrikaanse land maakt op de betwiste regio. In ruil daarvoor is Marokko diplomatieke betrekkingen met Israël aangegaan.

In maart koos ook Spanje de kant van Marokko. Dat was een opmerkelijke stap, aangezien Spanje tot die tijd altijd fel tegen de omstreden Marokkaanse bezetting van de voormalige Spaanse kolonie was. Premier Sánchez noemde het een nieuwe fase in de relatie tussen de twee landen “gebaseerd op wederzijds respect”.

‘Hypocrisie’

Polisario reageerde verbolgen op de draai van Spanje. De beweging stelde dat de Spaanse regering was gezwicht voor “chantage en manipulatie”. Ook noemde Polisario het hypocriet dat de schending van het internationaal recht in Oekraïne wel in de schijnwerpers staat, maar die in de Westelijke Sahara niet.

Ook Nederland behoort nu tot de groeiende lijst van landen die het autonomieplan steunen. Polisario heeft er nog niet op gereageerd.

Hoekstra was vandaag in Marrakesh in gesprek met zijn Marokkaanse ambtgenoot Nasser Bourita. Er werd onder meer gesproken over de gezamenlijke aanpak van terrorisme, maar ook migratie, handel en cultuur stonden op de agenda.